Captains of Circularity bracht belangrijke besluitvormers, denkers en aanpakkers op het gebied van de circulaire economie samen.
Op woensdag 17 januari vond bij de Brightlands Chemelot Campus het evenement Captains of Circularity plaats. Ondanks de voorspelde, en uiteindelijk in de middag doorzettende, hevige sneeuwval, sloten meer dan 100 deelnemers aan onder wie vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven, onderwijs, onderzoek en overheid.
Het doel van de bijeenkomst was om een strategische dialoog aan te gaan over de vraag: wat is het circulair potentieel van Limburg en waar gaan we (verder) werk van maken?
Het is een ingewikkelde vraag die niet gemakkelijk te beantwoorden bleek. Wel zijn er een aantal punten die er voor de deelnemers uitsprongen: de grootste uitdagingen zijn wetgeving en gedragsverandering bij huishoudens en bedrijven. Ook heeft Limburg nog een flinke weg te gaan. Maar als er één ding is waarover de deelnemers het eens waren dan is dat het grote potentieel van Limburg op circulair gebied. Wat viel ons verder op? Een verslag van deze bijzondere dag.
Een circulaire economie: hoe ziet die eruit?
Het lijkt nog ver weg. Een circulaire economie, waarin er nauwelijks afval is. Toch moet het in 2050 zover zijn. Voor wie er geen beeld bij heeft, bood deze dag ruim voldoende inspiratie. Onder leiding van hoogleraren Frank Boons en Nancy Bocken van de Universiteit Maastricht werden er in aanloop naar de bijeenkomst negen policy briefs geschreven over hoe zo’n circulaire economie eruit kan zien. Net over de grens bouwt Vlaanderen aan een circulaire toekomst met Vlaanderen Circulair. In 2030 moet er een reductie zijn van maar liefst 30 procent in de afvalstromen, vertelt Brigitte Mouligneau, die vanwege de weersomstandigheden niet aanwezig was en in plaats daarvan een video opnam.
Nog dichter bij huis is er de Brightlands Circular Space. Lia Voermans was aanwezig als voorzitter van de stuurgroep en vertelde over het initiatief, dat naast een innovatiehub ook een van de eerste sites is waar de cirkel volledig rond is in de productie van plastics. Dat wil zeggen: restmaterialen worden op deze plek direct hergebruikt. Stadslab Sittard-Geleen zet in op een circulaire stad en met aandacht voor sociale thema’s. Ook het onderwijs moet veranderen: de mbo’ers van nu zijn straks goed uitgerust om aan de slag te gaan in een circulaire economie, vertelde Simone Sauren van Yuverta.

Limburg als circulaire hub
De deelnemers zijn het erover eens dat Limburg weleens de ideale plek zou kunnen zijn om te experimenteren met circulaire economie. Juist omdat de regio krimpt. De sloop van oude gebouwen die niet meer nodig zijn, levert veel restmateriaal op. En de herstructureringsopgave waarvoor de provincie staat, kan op deze manier juist een grote kans zijn. Ook de grensregio biedt kansen, al liggen die vooral in ‘grenzeloos’ denken, want afval verdwijnt niet bij de grens.
Casper Gelderblom, wethouder van de Gemeente Heerlen, voorziet een circulaire experimenteerstatus voor Parkstad. De Romeinen maakten in deze regio al gebruik van zogenaamde ‘spolia’, restmaterialen, terug te vinden in bijvoorbeeld de Heerlense thermen. Ook de inrichting van de stedelijke omgeving in Limburg was vroeger veelal circulair: kleine steden, verbonden door duurzame infrastructuur. “Zo nodigt ook het DNA in onze gebouwde omgeving uit om na te denken over circulariteit”.
Zeker zijn we niet, maar we gaan het doen!
Een samenleving zonder afval. Dat wil toch iedereen? Toch is het niet zo simpel, wordt duidelijk, eigenlijk al direct vanaf het moment dat de eerste sprekers op de vloer staan. Wetgeving komt naar voren als een van de grootste uitdagingen. We willen wel, maar hoe gaan we dit regelen? Vivianne Heijnen, demissionair staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), geeft aan dat er vanuit de Nederlandse overheid gekozen is voor een stimulerende aanpak, maar dat dit niet voldoende blijkt te zijn om hun doelen voor 2030 en 2050 te halen. Nu is er volgens haar meer regelgeving nodig.
Er zijn ook kritische vragen over juist die subsidies en regelgeving van de overheid: want in hoeverre beperken zij de marktwerking? En is het niet juist zo dat subsidies niet-levensvatbare initiatieven ondersteunen, en dat projecten met een goed businessmodel hier dan vervolgens last van hebben? Ondernemers benoemen al in hun gesprekken bij binnenkomst dat ze bepaalde materialen niet mogen hergebruiken, vanwege het label ‘afval’. Een ondernemer stelde Vivianne Heijnen de vraag: “Ik heb een bedrijf dat herbruikbare plastics maakt, maar ik moet op dit moment mensen naar huis sturen, omdat ‘virgin plastic’ (nieuw geproduceerd plastic, red.) goedkoper is.” Een pasklaar antwoord op hoe we een circulaire economie gaan bewerkstelligen is er niet, beaamde ook Ria Voermans van de Circular Space: “Zeker zijn we er niet van, maar we gaan het doen”. Dan moet ook de consument meewerken en veranderen, want die vindt een wit koffiebekertje toch nét wat lekkerder drinken dan een bruingekleurd koffiebekertje. En wat denk je van bruin wc-papier? Aan de andere kant staat er volgens Nick Bos, vice-voorzitter van Maastricht University, ook een jonge generatie klaar die niet meer anders wil: “zoals we het vroeger deden, kan niet meer, jonge mensen dwingen ons om te veranderen”.
Nog een flinke weg te gaan
Ook zijn er deelnemers die blij zijn met de initiatieven die er zijn, maar er ook op wijzen dat de urgentie soms nog ontbreekt. We zijn onder de indruk, maar er moet nog zoveel meer. Jo Peters, voorzitter van de Chemelot Circular Hub, deelde dat we eigenlijk nog steeds geen idee hebben waar we mee te maken hebben en hoe groot deze verandering is: “de energietransitie is peanuts in vergelijking met de transitie naar een circulaire economie” en “we zijn al te laat”. Klaske Kruk, circular hero en adviseur van overheden en bedrijven: “laten we alsjeblieft niet allemaal het wiel opnieuw uitvinden”. Het panel is het erover eens: we moeten proactief gaan nadenken over de uitdagingen die er liggen en voorkomen dat de trein straks tot stilstand komt.
Kortom, erover praten is een ding, maar we moeten nu aan de slag. En dat er dan ook dicht bij jezelf nog dingen te verbeteren zijn blijkt als Michiel Ritzen toevoegt, wijzend op zijn door de organisatie gedrukte naamkaartje, met plasticje: “Neem nou deze kaartjes. Wij organiseerden laatst een congres waar de mensen die zelf meebrachten, of maakten, maar het zit zo ingebakken.”
Captains of Circularity werd op 17 januari georganiseerd door Maastricht University, Studio Europa en het Maastricht Sustainability Institute. Meer informatie over het programma is hier terug te vinden: https://www.aanmelder.nl/captains-of-circularity/programma
Er werd met behulp van AI een videosamenvatting gemaakt van deze dag. Deze is hier terug te kijken.
